In de Rotterdamse Rijnhaven ligt een opvallend nieuw bouwwerk: een complex van drie drijvende halve bollen. Het heeft een hoogte van 12 meter, een totaal vloeroppervlak van vier tennisbanen en is in zijn geheel verplaatsbaar. De eerste vijf jaar zal het futuristische paviljoen in de Rijnhaven zijn aangemeerd en dienstdoen als expertisecentrum van de innovatieve en inspirerende aanpak van klimaat, energie en water. Die focus maakt het centrum tot de etalage en het visitekaartje van het Nationaal Watercentrum in oprichting.
Het drijvend paviljoen is niet alleen bijzonder door de drijvende bollen op het water, maar ook klimaatbestendig, innovatief, duurzaam en flexibel. Het drijvend paviljoen is een pilot en katalysator voor drijvend bouwen in Rotterdam. Het paviljoen bestaat uit drie aan elkaar geschakelde bollen, waarvan de grootste een straal heeft van 12 meter. Het vloeroppervlak van het paviljoeneiland is ruim 46 bij 24 meter. Het ligt tot 2015 in de Rijnhaven: daarna wordt het versleept naar een ander deel van Stadshavens. De Rijnhaven is geschikt voor het paviljoen vanwege de beperkte golfslag. Daar komt bij dat er steeds minder binnenvaartschepen van de haven gebruik gaan maken. Bovendien is de Rijnhaven goed bereikbaar met het openbaar vervoer, ook over water. Het complex is een ontwerp van het ontwerpteam Deltasync/PublicDomain Architecten. De bouw was in handen van Dura Vermeer.
Klimaatbestendig en gezichtsbepalend
Doordat het paviljoen drijft, stijgt het automatisch mee met de waterspiegel. Dat maakt het paviljoen een voorbeeld voor het klimaatbestendig bouwen dat in Rotterdam zijn opmars gaat maken. Het vernieuwende paviljoen verenigt de Rotterdamse doelen om de uitstoot van het broeikasgas CO2 te halveren en om de stad ook in de toekomst klimaatbestendig te houden. Het gebouw is door zijn opvallende vorm zeer herkenbaar en kan vanaf de Erasmusbrug gezien worden. Het drijvend paviljoen is het eerste resultaat van Rotterdam Climate Proof (onderdeel van Rotterdam Climate Initiative) om klimaatbestendig te bouwen in buitendijkse gebieden.
Katalysator van drijvend bouwen
Rotterdam heeft plannen voor het bouwen van drijvende stadswijken. In het gebied Stadshavens is ruimte voor 1600 hectare duurzame gebiedsontwikkeling en worden tot 2040 zo’n 13.000 klimaatbestendige woningen gebouwd, waarvan ca 1.200 op het water. In deze drijvende woonwijken zullen mensen op het water wonen, boodschappen doen, werken en recreëren. Het paviljoen gaat de mogelijkheden van deze vernieuwing demonstreren. Dat past bij de ambitie van Rotterdam Climate Proof voor een honderd procent klimaatbestendige stad. Drijvend bouwen is een van de oplossingen die in de 21e eeuw veel vaker gekozen zal worden, wereldwijd. Wanneer bedrijven hiermee in Rotterdam kennis opdoen, zullen ze dat in de rest van de wereld weer kunnen vermarkten.
Etalage
In het paviljoen worden de ambities op het gebied van klimaat, energie - en water geëxposeerd. Het drijvend paviljoen is daarmee de etalage en het visitekaartje van het Nationaal Watercentrum i.o. en versterkt zo de concurrentiepositie van de Nederlandse waterwereld over de volle breedte. Het paviljoen kan ook gehuurd worden voor het ontvangen van groepen of het organiseren van gerelateerde evenementen. Er is een auditorium voor groepen tot 150 mensen. Binnenkort leest u meer over de huurmogelijkheden van het drijvend paviljoen.
Duurzame technologie
De duurzaamheid van het paviljoen zit in de gebruikte materialen, de flexibiliteit, en ook in de inrichting. Zo wordt het gebouw verwarmd en gekoeld met zonne-energie en oppervlaktewater. Het heeft verschillende klimaatzones; de energie wordt alleen gebruikt waar dat op dat moment nodig is. Op het gebied van energie zal het paviljoen in hoge mate in z’n eigen behoefte voorzien. Het paviljoen zuivert ook zijn eigen toiletwater. Wat er dan overblijft, kan worden geloosd in het oppervlaktewater. Bijzonder is ook het folie waarmee de koepels worden bekleed. Het zogenaamde ETFE-folie is ongeveer 100 keer lichter dan glas waardoor het drijvende fundament een beperkte dikte houdt.
Bouw afgerond
In de Heijsehaven in Rotterdam is oktober 2009 gestart met het bouwen van de twee drijvende eilanden: het paviljoeneiland en het pleineiland. Om deze eilanden licht te houden en onzinkbaar te maken, is het drijflichaam opgebouwd uit platen van geëxpandeerd polystyreen (EPS), oftewel piepschuim. Er liggen vijf lagen EPS op elkaar. De dunste laag is 20 centimeter en de dikste is 75 centimeter dik. In de dikste laag ligt een grid van betonnen balken. Aan deze balken zijn de prefab betonnen platen bevestigd. Deze platen vormen de harde schil van het eiland en beschermen tegen de invloed van bijvoorbeeld golfslag. Bovenop is een 20 centimeter dikke betonnen vloer gestort die samen met de balken het eiland tot een stijf geheel maken. De dikte van het eiland is 2,25 meter. De bovenkant van de vloer ligt 80 centimeter boven het waterpeil. Mei 2010 is het drijvend paviljoen via de Nieuwe Maas versleept naar de Rijnhaven.
Ontwerp en ontwikkeling
Het drijvend paviljoen is mede gefinancierd met steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling van de Europese Commissie.

Betrokken partijen
Aannemer: Dura Vermeer
Architecten: Deltasync & Public Domain Architekten
Adviseur installaties: DWA
Koepelconstructie: Vector Foiltec
Drijvende funderingen: Flexbase
Constructeur: Advin
Installaties: Unica