Op 21 juni 2012 ondertekenden de gemeenten van de stadsregio Rotterdam een convenant over het plaatsen van minimaal vijftig windturbines verspreid over de regio. Het convenant werd eveneens ondertekend door de provincie Zuid-Holland, de rijksoverheid, Havenbedrijf Rotterdam, Natuur- en Milieufederatie Zuid-Holland en de Nederlandse Windenergieassociatie.
De gemeenten in de stadsregio zijn het onlangs eens
geworden over de locaties waar zij die turbines willen laten plaatsen. Die
liggen aan de randen van de haven, langs grote infrastructuurobjecten
(snelwegen, Haringvlietdam) en op of langs bedrijventerreinen (Nieuw
Reijerwaard). Er is daarbij op hoofdlijnen rekening gehouden met landschappelijke
waarden, invloed op recreatiegebieden en natuurwaarden.
In totaal gaat het bij dit convenant om minimaal 150
megawatt aan duurzame energie, dat komt overeen met het gebruik van ruim 90.000
huishoudens. De windturbines wekken energie op zonder CO2-uitstoot en die dus niet bijdraagt
aan de klimaatverandering. Daarnaast wordt de regio hierdoor minder afhankelijk
van fossiele brandstoffen die moeten worden geïmporteerd.
Met dit convenant geeft de stadsregio invulling aan haar
bijdrage aan de totale windenergiedoelstelling van de provincie Zuid-Holland,
die op zich heeft genomen om in 2020 720 megawatt windenergie op land te hebben
geplaatst. Voor het havengebied van Rotterdam is in 2009 al een apart convenant
afgesloten om voor 2020 het opgestelde vermogen te verdubbelen van 150 megawatt
naar 300 megawatt.
Het convenant is tot stand gekomen onder leiding van de
Rotterdamse wethouder Duurzaamheid Alexandra van Huffelen. Zij heeft samen met
stadsregiobestuurder Jan van Belzen een actieve rol gespeeld in het bij elkaar
brengen van alle partijen.
In het convenant spreken de gemeenten af dat zij in
principe op de bepaalde locaties windturbines willen laten plaatsen. Voor de
definitieve besluitvorming moeten nog allerlei stappen worden doorlopen. Ook is
voor een aantal locaties nog aanvullend onderzoek nodig.
De exacte plaats van de windturbines, het aantal turbines
en het aantal megawatt vermogen per turbine kunnen bij de uitwerking van de
locaties nog veranderen. De ondertekenaars van het convenant willen dat de
bedrijven die de turbines gaan plaatsen, daar omwonenden bij betrekken.
De gemeenten hebben met elkaar afgesproken dat zij samen een oplossing zoeken, mocht een locatie vervallen en er daardoor een tekort aan locaties ontstaan. De gemeenten verplichten zich om voor het einde van dit jaar per locatie een plan van aanpak op te stellen, zodat de turbines uiterlijk in 2020 in gebruik kunnen zijn. Gedeputeerde Staten spannen zich in om de afspraken uit het convenant op te nemen in provinciaal beleid.
De potentiële locaties voor windenergie bevinden zich op het grondgebied van de gemeenten Rotterdam, Vlaardingen, Schiedam, Lansingerland, Capelle aan den IJssel, Ridderkerk, Barendrecht, Spijkenisse, Bernisse, Westvoorne en Hellevoetsluis. Ook de andere vier gemeenten van de stadsregio (Maassluis, Krimpen aan den IJssel, Albrandswaard en Brielle) ondertekenden het convenant.