Circa 80 vertegenwoordigers van overheid, bedrijfsleven en NGO’s kwamen op woensdag 26 januari in Rotterdam bijeen voor de lancering van het NTA 8080 certificatiesysteem. Het certificaat toont aan dat voor energiedoeleinden geproduceerde, verhandelde of verwerkte biomassa voldoet aan internationale duurzaamheidscriteria.
Het Rotterdam Climate Initiative (RCI) vindt het belangrijk dat biomassa
die Rotterdam binnenkomt, voldoet aan de wettelijke eisen. Daarvoor
zijn op Europees niveau criteria opgesteld, die zijn vastgelegd in een
richtlijn, de Renewable Energy Directive. Het NTA 8080 gaat nog een stap
verder en is bruikbaar als groeimodel. Bedrijven die voldoen aan de
Europese eisen, kunnen doorgroeien tot het niveau van het NTA 8080.
In zijn welkomstwoord zei Gerrit van Tongeren, voorzitter van de
Commissie van Deskundigen (CvD) “Schemabeheer duurzaamheidscriteria
biomassa”, dat het grote aantal belangstellenden wel aangaf dat er veel
aandacht is voor duurzame biomassa en hoe groot de belangen zijn.
Belangrijke stap
Ruud Lubbers, voorzitter van de council van het RCI, benadrukte dat
normalisatie en certificering van duurzame biomassa een belangrijke stap
is in de ontwikkeling naar een biobased economy en van Rotterdam als de
Bioport voor Noordwest Europa. ‘Met certificering geven we gestalte aan
het proces naar een meer CO2-vrije haven. Biomassa moet groeien, maar
wel op de goede manier. Ecologische en sociale aspecten bijvoorbeeld
spelen daarbij ook een rol. Duurzaamheidscriteria zijn belangrijk voor
het werkelijke succes van biomassa en voor draagvlak daarvoor in de
samenleving.’ Lubbers zei geïnspireerd te zijn door de voormalige
Braziliaanse president Lula, die Braziliaanse boeren erop wees dat ze
niet alleen voedsel kunnen leveren, maar ook bioenergie en zelfs
grondstof voor de chemische industrie.
NTA 8080 in vogelvlucht
Jarno Dakhorst van NEN en secretaris van de CvD, presenteerde vervolgens
het NTA 8080 certificatiesysteem in vogelvlucht. Het systeem past
volgens hem in het proces dat biomassa doorloopt van groene revolutie
naar het duurzame ontwikkelingsprincipe people planet profit, dat kijkt
naar aspecten als biodiversiteit, broeikasgassen, milieu, lokale
welvaart en lokaal welzijn.
Dakhorst schetste de ontwikkeling van het NTA 8080
certificatiesysteem: van framework in 2006 tot kick-off in 2011. Voor
certificatie komen alle vormen van biomassa in aanmerking - vast,
vloeibaar en gasvormig - voor alle vormen van energiegebruik:
elektriciteit, transport, verwarmen en koelen. Het systeem is in
overeenstemming met wet- en regelgeving, zoals de Europese richtlijn
voor hernieuwbare energie (RED). Verder is het systeem internationaal
toepasbaar (‘global standards used locally worldwide’) en opgezet als
groeimodel. Daardoor kunnen bedrijven doorgroeien van het niveau waarbij
ze voldoen aan de wettelijke eisen van de RED tot het niveau van het
NTA 8080. Het systeem biedt ten slotte praktische middelen, zoals een
interpretatiedocument, zelfevaluaties, een roadmap, een centraal
register, trainingen en een webportal, waarmee organisaties
daadwerkelijk aan de slag kunnen gaan.
Grote diversiteit
In vijf minuten-presentaties vertelden verschillende organisaties
vervolgens over hun ervaringen met duurzame biomassa. Opvallend daarbij
was de grote diversiteit aan projecten.
Sander van Bennekom van ontwikkelingsorganisatie Oxfam Novib
waarschuwde voor te snelle groei. Door de de stijgende energiebehoefte
en de daarmee gepaard gaande ‘rising global interest in farmland’ neemt
de strijd om land toe. Kleine boeren hebben meestal een zwakke
onderhandelingspositie, weinig vertrouwen in de eigen overheid en
onvoldoende middelen om de administratieve lasten van een certificatie
te dragen. Van Bennekom: ‘De groei van wereldwijde investeringen in
biomassa voor energie gaat erg hard. Alleen door van het begin af aan in
te zetten op duurzaamheid kan deze groei in goede banen worden geleid.
Actieve steun van het bedrijfsleven is hierbij onontbeerlijk.’
Cramble en carmelina
Tania de Grave van AgrenNewEnergy vertelde over de zoektocht naar
alternatieve bronnen voor biomassa: ‘In Brazilië ontdekten we dat
cramble en carmelina de wereld van biomass liquid toegevoegde waarde
biedt. Het zijn grondstoffen die als biomassa andere energiegewassen
kunnen vervangen. Cramble en carmelina bieden het principe people planet
profit veel voordeel: ze zorgen voor biodiversiteit, concurreren niet
met voedsel en bezorgen extra inkomen voor boeren, waarbij ook kleine
boeren kunnen meedoen. Hierdoor brengt de biobrandstof welvaart.’
Energieleverancier Electrabel werkt samen met
ontwikkelingsorganisatie Solidaridad aan een duurzaam biomassaproject in
Mozambique. Volgens Maarten Gnoth is het NTA 8080 een goede stap in de
richting van een keten, waarin biomassa duurzaam beschikbaar, technisch
toepasbaar en verhandelbaar is.
Stimulans
Certificeringsbedrijf Quality Services deed een project voor Vagroen,
een onderneming die zich richt op duurzame verwerking en inzet van
groenafval, biomassa en organische reststromen. Volgens Jorn Bronsvoort
is NTA 8080 essentieel voor de continuering van je bedrijf, omdat
afnemers eisen gaan stellen. ‘Bovendien stimuleert een bedrijf als
Vagroen andere bedrijven in de keten om aan te sluiten op Europese
normen en richtlijnen en met certificering aan de slag te gaan.’
Van start met certificering
Diverse bedrijven gaven aan van start te gaan met certificering. Voor
het Zeeuwse Akkerbouwbedrijf Van Gorsel past certificering goed in de
omschakeling naar duurzame landbouw, dat een goede manier is om
overproductie en reststromen te benutten. Van Gorsel beseft bovendien
dat gangbare brandstoffen eindig zijn en dat hij zo een hogere prijs
voor zijn product kan krijgen.
Ook energieleverancier Eneco begint met certificering.
Bestuursvoorzitter Jeroen de Haas: ‘Eneco heeft als ambitie: duurzame
energie voor iedereen. In dat kader hanteren we strenge
duurzaamheidseisen voor de biomassa die we gebruiken voor het opwekken
van elektriciteit. Met het NTA 8080 en het certificeringssysteem kunnen
we laten zien dat we aan die criteria voldoen.’
Perspectief
Pieter van Essen van Havenbedrijf Rotterdam vond dat je
duurzaamheidsvraagstukken wel in het juiste perspectief moet zien.
‘Slechts een klein deel van de totale Rotterdamse overslag is gekoppeld
aan duurzame energievoorziening. Het is de nationale doelstelling om in
2020 op veertien procent duurzame energie te zitten. Om die doelstelling
te bereiken hebben we veel biomassa nodig. De import zal vooral komen
uit de Verenigde Staten, Canada en Rusland. Europa zelf zal straks ook
biomassa kunnen produceren.’ Ten slotte wees Van Essen op biomassa als
bron van handel. Hij zei dat Rotterdam samen met energiehandelaar
APX-Endex een handelsbeurs voor biomassa wil opzetten.
Intentieverklaring
Aan het einde van de bijeenkomst ondertekenden AgrenNewEnergy,
Akkerbouwbedrijf Van Gorsel, BioCandeo, Delta Milieu Biofuels, Eneco en
Vagroen een intentieverklaring, waarmee ze aangaven zich te gaan
inspannen om gecertificeerd te worden volgens de NTA 8080.